Net als zijn omgeving noemt hij zichzelf eerder een kunstenaar dan een fotograaf.
Dat het schoonste in het stilste ligt, ontdekte hij al vroeg. Hier ontstond zijn verwondering voor de simpelste onderwerpen in de natuur – hetgeen ook zijn passie is. Hij voelde hier iets diepers voor.
Hij ging zijn fotografie verder uitdiepen, zijn beelden werden meer gelaagd. Hij zag in dat verwondering de draaiende motor is van inspiratie, hetgeen hij na het inzicht verwerkte op een eigenzinnige manier om het vervolgens als zijn visuele kracht in de foto’s te laten manifesteren. Hier ontdekte hij zijn kwaliteit en hiertoe heeft hij ook veel waardering mogen ontvangen. Zo gaf hij lezingen op grote fotografiefestivals zoals Nature Talks en Lowlands Photo Festival, heeft hij diverse exposities gehad en heeft hij zes titels van prestigieuze (inter)nationale fotowedstrijden op zijn naam staan. Hiernaast verkocht hij zijn werk aan hoge kringen en is hij o.a. door prinses Laurentien van Oranje uitgenodigd om over zijn werk te praten alsook op haar verjaardag te komen exposeren.